De cilinder die ontstaat door het lijnstukje van (0,1) tot (1,1) te laten wentelen rond de x-as
wordt in twee stukken 'gezaagd' door het stukje parabool met vgl. y = x² (tussen x=0 en x=1) ook te laten wentelen rond de x-as.
De verhouding van die twee volumestukken is gelijk aan ( grootste / kleinste )