De hoek tussen de vectoren en is 45°.Als de normen (lengte) van en respectievelijk en 6 zijn,
dan is\(\small\vec A.(\vec A - 6\vec B)\) gelijk aan |
A. − 34 |
|---|---|
| B. 2 | |
C. 2 − 36![]() | |
| D. een getal kleiner dan − 34 | |
| E. een (welbepaalde) vector |
[ 4-1936 - op net sinds 25.5.2021-(E)-1.4.2026 ]
|
IN CONSTRUCTION |
|---|