Oma en opa krijgen een even groot stuk taart (zelfde gewicht). Oma eet niet zoveel taart en geeft een stukje aan opa. Welk deel van haar stuk taart moet oma aan opa geven opdat opa nu dubbel zoveel taart zou hebben als zij ? A.   \(\frac12\)
B.   \(\frac13\)
C.   \(\frac14\)
D.   \(\frac15\)
E.   \(\frac16\)
    a    b    c    d    e

[ vwo29-(1j8) - op net sinds 192026-(E) ]


Deze (8ste)vraag werd gesteld op 15 jan 2014 tijdens de eerste ronde van de 13de Junior Wiskunde Olympiade (3de en 4de jaars)
Drie kwart van de deelnemers heeft correct geantwoord, 19% fout en 6% blanco

Translation in   E N G L I S H

Grandma and Grandpa get equal pieces of cake (same weight). Grandma doesn't eat much cake and gives a piece to Grandpa. How much of her piece of cake must Grandma give to Grandpa so that Grandpa now has twice as much cake as she does? A.   \(\frac12\)
B.   \(\frac13\)
C.   \(\frac14\)
D.   \(\frac15\)
E.   \(\frac16\)

Oplossing - Solution

Als we het gewicht van één stuk taart g noemen, dan moet er gelden   2(g – x) = g + x
 ⇔  2g – 2x = g + x
 ⇔  g = +3x
 ⇔  x = 1op3g
→ antwoord B
GWB