Als een regelmatige zeshoek ingeschreven is in een cirkel met straal R, dan is de lengte van een diagonaal die niet door het middelpunt gaat gelijk aan A.   \(R\sqrt2\)
B.   \(\frac{3R}{2}\)
C.   \(R\sqrt3\)
D.   \(2R\)
E.   \(R\sqrt5\)
    a    b    c    d    e

[ vwo11-(1s6) - op net sinds 10.7.2025-(E)-11.1.2026 ]


Deze (6de)vraag werd gesteld in jan. 1996 tijdens de eerste ronde van de 11de Vlaamse Wiskunde Olypiade (5de en 6de jaars)
42% gaf een juist antwoord, 29% een fout antwoord en 29% geen antwoord

Translation in   E N G L I S H

IN CONSTRUCTION
A.  
B.  
C.  
D.  
E.  

Oplossing - Solution

De regelmatige zeshoek bestaat uit zes gelijkzijdige driehoeken met zijde R. Een diagonaal die niet door het middelpunt gaat snijdt twee van die driehoeken precies doormidden.
Zo komen we tot zijn lengte :   2.R.cos 30° = Rv3
GWB